Assen - Een schaduw door de straat

De eindexamenklas geschiedenis VMBO van het Dr. Nassau College in Assen en het Herinneringscentrum Kamp Westerbork presenteerden in 2007 de resultaten van een bijzonder project. Door de leerlingen werd onderzoek gedaan naar de Joodse bewoners uit hun eigen omgeving die in 1942 werden opgepakt en weggevoerd. Aan de vooravond van Holocaust Memorial Day presenteerden zij de resultaten van hun onderzoek. De presentaties waren twee maanden te zien in de voortuinen van woningen aan de Oranjestraat in Assen.

Het project in de Oranjestraat vormde het startpunt van het project De oorlog dichtbij huis, waarin het Herinneringscentrum Kamp Westerbork scholen begeleidt in hun zoektocht naar de lokale oorlogsgeschiedenis.

De leerlingen van de examenklas VMBO van het Dr. Nassaucollege, onder begeleiding van hun docent Roelof Hut, onderzochten de levensverhalen van de Joodse inwoners uit de Oranjestraat in Assen. Vanuit het raam van hun klas kijken zij bijna uit op de Oranjestraat. In deze straat woonden in 1941 elf Joodse gezinnen. In het najaar van 1942 werden zij opgepakt en weggevoerd naar het doorgangskamp Westerbork en vandaar naar de vernietigingskampen. De leerlingen reconstrueerden de verhalen van de buurtbewoners van toen aan de hand van archiefbronnen, gesprekken met overlevenden en vroegere buurtbewoners.  Het onderzoek van de leerlingen mondde uit in drie presentaties:

- In de voortuinen van de huizen waar de Joodse buurtbewoners woonden, werd een door de leerlingen vormgegeven presentatie opgesteld over het betreffende gezin.

- Als blijvende herinnering werd door de burgemeester van Assen en mevrouw Leget-Lezer, overlevende van Auschwitz, een monument onthuld met een door de leerlingen geschreven herdenkingstekst.

- De levensverhalen van de gezinnen werden geplaatst op het digitale herinneringsboek De WesterborkPortretten.

Het project was een samenwerking tussen het Dr. Nassaucolleg in Assen en het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. De uitvoeringg van het project werd mogelijk gemaakt dankzij financiële ondersteuning van de gemeente Assen en de provincie Drenthe.