Ommen - En toen waren er nog maar negen...

Ursula, Ernst, Hermann, Bernd, Walter, Rosemarie, Ernst en Klaus. Tieners waren ze, de Joodse jongeren die in de jaren dertig een veilig onderkomen dachten te vinden op de Quakerschool in kasteel Eerde in Ommen. Hun dromen werden wreed verstoord door de Duitse inval en hun leven eindigde in de concentratiekampen. Zeventig jaar later deden leeftijdgenoten van het Vechtdalcollege uit Ommenn onderzoek naar het leven van deze Joodse scholieren. Hun onderzoek werd in het kader van het educatieve programma De oorlog dichtbij huis begeleid door het Herinneringscentrum Kamp Westerbork. Twee Havo 3-klassen maakten een tentoonstelling en twee korte films over de Joodse leerlingen van kasteel Eerde.

De internationale Quakerschool in Ommen werd in de jaren dertig een opvangplek voor Duits-Joodse vluchtelingenkinderen: zij woonden op de school en volgden er lessen. Voor de meeste kinderen was Eerde een tussenstop op weg naar verdere emigratie. Maar niet voor iedereen. In mei 1940, als de Duitsers ons land binnenvallen, zijn er nog bijna twintig Joodse kinderen in kasteel Eerde. Hun docenten raden hen ten sterkste af om onder te duiken. Een aantal kinderen slaat deze raad in de wind en duikt onder, anderen voegen zich bij hun familie in Nederland. Een groep van acht kinderen blijft in Eerde achter en geeft gevolg aan de oproep zich 'vrijwillig' te melden voor kamp Vught. Zij worden allen via kamp Westerbork doorgevoerd naar de vernietigingskampen en vermoord. De docenten die hebben aangeraden niet onder te duiken, duiken zelf wel onder.

In de jaren zestig is het dagboek van een van de weggevoerde kinderen uitgegeven. De ouders, die de oorlog overleefd hadden, kwamen hier achter en hebben de verpreiding stopgezet. Het Vechtdalcollege kreeg van het Herinneringscentrum Kamp Westerbork een exemplaar van het dagboek. Daarnaast bevonden zich in het gemeentearchief van Ommen unieke bronnen: foto's, toelatingsformulieren en andere documenten van alle kinderen die in de jaren dertig naar Eerde vluchtten. Al deze bronnen en gesprekken met ooggetuigen leverden samen het materiaal op voor de tentoonstelling over de vluchtelingenkinderen in Eerde. De tentoonstelling was te zien in het Gemeentehuis van Ommen, het Herinneringscentrum Kamp Westerbork, het Verzetsmuseum Friesland, het Nationaal Monument Kamp Vught en het Historisch Centrum Overijssel.
Het project was een samenwerking tussen het Vechtdalcollege in Ommen, het Herinneringscentrum Kamp Westerbork en HCO/KCO Overijssel. De uitvoering van het project werd mogelijk gemaakt dankzij financiële ondersteuning van de gemeente Ommen en de provincie Overijssel.