COLUMN: De mens achter het getal

29 augustus 2018

Ik ben niet zo van de cijfertjes, van statistieken en percentages. Maar vandaag ging ik met vreugde de confrontatie met de getallen aan. Al ruim driekwartmiljoen: een mijlpaal in de database Een Naam en een Gezicht, dankzij onze vrijwilligers!

Ze zijn nauwgezet, oplettend, secuur, toegewijd, echte doorzetters, speurneuzen en ook gezellige collega’s: de vrijwilligers die al jaren helpen bij het vullen van Een Naam en een Gezicht. Elke dag rond negen uur schuift een van hen aan op de computer naast mij, om vier uur lang geconcentreerd gegevens in te voeren. Natuurlijk met af een toe een bak koffie en een praatje als aangenaam ontspanningsmoment. Want de zorgvuldigheid bij de invoer staat voorop, niet de snelheid. Al is het wel leuk om af en toe te horen, hoeveel er inmiddels al gedaan is. Van die ronde getallen, die zijn mooi om door te geven. Daarom voor de mensen die werken aan de invoer van overlijdensakten: we naderen de 70.000!

Het begin
Het begon allemaal met het idee, om bij elk slachtoffer dat via kamp Westerbork is gedeporteerd zoveel mogelijk gegevens te verzamelen uit gerelateerde archieven. Sommige gegevens konden als scan worden gekoppeld, zoals de kaarten van het bevolkingsregister van de gemeente Westerbork, overlijdensakten, de Joodse Raadcartotheek, persoonskaarten en persoonsbewijzen. Andere gegevens, zoals personalia en deportatiedatum, werden handmatig ingevoerd.

Zo hadden we bijvoorbeeld een enorme stapel aan kopietjes van transportlijsten, uitgaand en inkomend. Niet alleen van Westerbork naar het oosten, maar ook van Vught en Theresienstadt naar Auschwitz. Verwerkt zijn inmiddels ook de Sterbebücher von Auschwitz, het register van het Vluchtelingenkamp, de onderduik cartotheek West-Friesland. Ik zie nog voor me, hoe in een van educatieve ruimtes onder meer de kaartjes van de Joodse Raadcartotheek door vrijwilligers werden ontdaan van paperclips en nietjes, zodat een bedrijf ze in kon scannen. Heel zorgvuldig, want ze waren zich heel goed bewust van de historische waarde van deze kaartjes uit de jaren veertig.

Waar we nu staan
Zo heeft een grote groep vrijwilligers dus inmiddels informatie uit 26 verschillende bronnen/archieven ingevoerd en gekoppeld – ruim 759.000 scans, met daarnaast nog zeker acht miljoen handmatig ingevoerde gegevens. Iedere keer als ik die aantallen zie, realiseer ik me hoeveel werk al verzet is. En vooral: dat zonder vrijwilligers we nooit zover waren gekomen!

De mens achter het getal
Ik ben dan ook blij, dat het invoerwerk zo vlakbij mijn eigen werkplek gebeurt. Want zo horen de vrijwilligers, hoe al hun invoerwerk wordt gebruikt bij het beantwoorden van de vele vragen die wekelijks binnenkomen. Vooral de telefoontjes maken duidelijk, hoe al die gigabytes aan gescande documenten en foto’s, die miljoenen ingevoerde gegevensvelden zorgen voor antwoorden die de vragensteller nooit hadden verwacht. “Wat weet u veel, wat kunt u dat snel vinden, heeft u dat al”, zijn opmerkingen die ik regelmatig hoor. Dat klopt: ik weet veel, kan het snel vinden en we hebben inmiddels veel informatie verzameld. Dus als het gaat over aankomst, verblijf en vertrek kunnen we heel veel vertellen over de slachtoffers die via kamp Westerbork zijn gedeporteerd. Maar dat was zonder de inzet van die onvermoeibare, secure, betrokken en vooral aardige mensen op die werkplek naast mij nooit mogelijk geweest. En dan zijn getallen en mijlpalen natuurlijk leuk, maar veel belangrijker is hun inzet voor dit onderdeel van het werk bij het Herinneringscentrum.

En dan ben ik weer terug bij waar het allemaal om gaat: de mens achter het getal.

Jose Martin
Onderzoeker Herinneringscentrum Kamp Westerbork