COLUMN: Verdwenen geschiedenis

25 september 2018

Met toenemend afgrijzen las ik het bericht, dat het Staatsarchief in Hamburg bijna honderd meter archief heeft laten vernietigen. Weer een stukje oorlogsgeschiedenis verdwenen in de shredder – ik wil het eigenlijk helemaal niet weten…

De feiten
In juli werd duidelijk dat de zogenoemde Gesundheitsbehörde-Todesbescheinigungen, overlijdensakten van artsen uit de periode 1837-1953 zijn vernietigd, in ambtelijke Duits ‘kassiert’. Want de gegevens waren dubbel aanwezig in andere documenten. Zoals bijvoorbeeld in de overlijdensakten: inmiddels hebben onderzoekers al bewezen dat dit niet het geval is. Controles van wetenschappelijk onderzoek, die verwijzen naar deze bron zijn niet meer mogelijk. En dat dit archief weinig werd geraadpleegd, wordt door de Stolpersteinonderzoekers in Hamburg met kracht bestreden: zij maakten er regelmatig gebruik van, ook voor de slachtoffers van Neuengamme.

Archiefvernietiging, vooral als het gaat om gegevens uit de Tweede Wereldoorlog, is voor mij als onderzoeker een gruwel. Want elk flintertje papier kan mogelijk bijdragen aan het invullen van lacunes in de persoonlijke verhalen en daarmee antwoord geven op basale vragen als hoe en waarom.

Een doolhof
Oorlogsarchieven in Nederland zijn een doolhof – overal is wel iets te vinden. Het instituut voor oorlogsdocumentatie NIOD ligt voor de hand, provinciale en gemeentelijke archieven misschien wat minder, maar toch: een zoektocht via archieven.nl levert op het trefwoord “Kamp Westerbork” alleen al 156 resultaten op in 36 archieven. En dan zijn er nog buitenlandse instanties zoals ITS, Yad Vashem en USHHM die ook het een en ander hebben verzameld, naast de vele online zoekmogelijkheden op sites als Fold3.com.

Een enorm doolhof dus, zo merk ik vaak als ik bezoekers help bij hun zoektocht naar familieleden. Niet voor niets heeft daarom het Nationaal Archief daarom ook een Oorlogsgids samengesteld met 25 concrete vragen met daarbij de verwijzingen naar de archieven waar mogelijk antwoorden te vinden zijn. Daar staat het archief van de afdeling Oorlogsnazorg van het Rode Kruis nog niet bij, dat in februari werd overgedragen en waar veel gegevens over kamp Westerbork te vinden zijn. De collega’s daar hebben op basis van hun archief al heel wat vragen kunnen beantwoorden. En ik heb daar al ook al een bijdrage mogen leveren aan de digitalisering door het scannen van een beperkt aantal bijzondere documenten.

Naast foto’s van vermiste personen waren dat in dossiers aanwezige persoonsbewijzen. Dat waren er uiteindelijk zo’n zestienhonderd, waarvan niet duidelijk was hoe die in de archieven van het Rode Kruis terechtgekomen waren. Want waar zijn dan al die andere persoonsbewijzen, die de gedeporteerden waarschijnlijk bij aankomst in kamp Westerbork moesten inleveren. Ergens vergeten in een of ander archief? Of misschien, omdat niemand ernaar vroeg, toch vernietigd?

Foto: Oorlogsnazorg Nederlandse Rode Kruis