COLUMN: Gevonden op een zolder

8 januari 2019

Ze woonde er in de jaren zestig, als studente in Groningen. Het huis staat er nog steeds: Melkweg 26. Het is een statige woning. Ze vond op de zolder een tweetal briefkaarten en een uitnodiging voor een huwelijk in Leipzig, op 12 februari 1911. De documenten waren verstopt in een boek. Een van de briefkaarten is verzonden op 25 mei 1945: vanuit kamp Westerbork.

Voor- en tijdens de eerste oorlogsjaren woonde in dit huis Israel Lifschitz. Hij zag het levenslicht in het plaatsje Schklow, in het huidige Wit-Rusland. In 1920 werd hij hoogleraar scheikunde aan de universiteit in Groningen. Israel was een groot geleerde en gerespecteerd figuur in de Joodse gemeenschap van voor de oorlog. Zijn Joodse achtergrond leidde tot zijn ontslag aan de universiteit. Hij vervolgde zijn loopbaan als leraar aan het Joods Lyceum.

Kamp Westerbork
Op 4 februari 1943 werd Israel met zijn vrouw en twee dochters naar kamp Westerbork overgebracht. Het gezin was toen al uiteengerukt. De drie zonen waren in juli 1942 naar Joodse werkkampen in Drenthe en Overijssel gestuurd en begin oktober 1942 via kamp Westerbork op transport gezet naar kampen in Polen. Alleen de oudste zoon zou de oorlog overleven.

Barneveld
Israel kwam vanwege zijn achtergrond in aanmerking voor Barneveld, een kamp voor Joodse prominenten. Op 18 mei 1943 werd hij daar met de rest van zijn gezin ondergebracht. Op 29 september 1943 werd Barneveld opgeheven. De bewoners werden naar kamp Westerbork gestuurd. Deze groep bleef voorlopig gevrijwaard van transport naar het Oosten. Op 4 september 1944 ontkwamen ook zij niet aan het lot. Theresienstadt was de volgende bestemming. Israel, zijn vrouw en twee dochters werden hier begin mei 1945 door het Rode leger bevrijd.

De briefkaart
Westerbork 25 mei 1945,

Beste familie Lifschitz,
Door toeval heb ik op de radio gehoord dat jullie in Theresienstadt zijn. Ik kan met woorden nauwelijks beschrijven hoe blij ik ben. Ik veronderstel, dat jullie gezond zijn en dat het goed met jullie gaat. Ik weet niet of deze briefkaart jullie bereiken zal, toch probeer ik. Ik was voor een dag in Groningen. Het huis van jullie is goed bewaard gebleven met opschrift Rijkseigendom. Ik hoop dat jullie met spoed naar huis zullen komen. Van mijn familie ben ik hier alleen gebleven. Ik hoop hier niet meer lang te blijven en zal dan misschien naar Groningen gaan (…).

Hermann Kirschen
De briefkaart is ondertekend door Hermann Kirschen. Hij werd geboren in een plaatje in de Oekraïne. Tijdens de Eerste Wereldoorlog vocht hij voor de Duitse keizer. Hij raakte gewond en kreeg daarvoor een onderscheiding. Deze metalen oorkonde redde in Westerbork waarschijnlijk zijn leven. Via het Joodse werkkamp Kloosterhaar in Overijssel, kwam hij daar begin oktober 1942 terecht. Hij kreeg een baan bij de kamppolitie, de ordedienst (OD) en hij bleef tot na de bevrijding in kamp Westerbork.

Wat precies de relatie is tussen Hermann en de familie Lifschitz blijft onduidelijk. De briefkaart is vanuit Theresienstadt weer teruggestuurd naar Westerbork en op een onbekende manier op Melkweg 26 terecht gekomen. De familie is na terugkeer in Nederland weer in het huis aan de Melkweg gaan wonen. Israel is in 1953 overleden. Wat er daarna met Israëls vrouw en de woning is gebeurd is mij onbekend. In de jaren zestig lag er op de zolder in ieder geval een boek met de documenten, dat waarschijnlijk ooit aan de familie Lifschiz heeft toebehoord. Nu liggen de briefkaarten in het depot van Herinneringscentrum Kamp Westerbork.

Guido Abuys
Conservator Kamp Westerbork