• Nu te doen - header

Ooggetuigenlezing

lezingMuseum
Ooggetuigenlezing

Ook in 2024 is de laatste zondag van de maand gereserveerd voor een lezing door een ooggetuige: iemand die vertelt over de eigen ervaringen in de Tweede Wereldoorlog. Vaak is de gastspreker een oud-gevangene van kamp Westerbork, maar ook voormalig verzetsstrijders, onderduikers en mensen met een andere achtergrond komen aan het woord. Met een geldige entreekaart voor het museum heeft u toegang tot de lezing. Deze begint om 13:30. Let op: er is een maximaal aantal plaatsen en we werken voor deze activiteit niet met aanmelding.

  • Zondag 30 juni: Marion de Klijn

Marion Joyce de Klijn is geboren in 1944, als dochter van het Joodse echtpaar Nap de Klijn en Alice Heksch. Vader is succesvol violist, moeder is cum laude afgestuurd pianiste. Samen treden zij als het 'Amsterdams duo' op door heel Nederland. In 1939 wordt hun oudste zoon Mark geboren.

In 1942 worden vader en moeder opgepakt en gevangen gezet in de gevangenis in Scheveningen, bekend onder de naam Oranjehotel. Na drie maanden zijn ze even plotseling als ze werden opgepakt ook weer vrijgelaten. Ze besluiten direct onder te duiken. Nap en Alice zitten in totaal op 17 verschillende adressen door heel Nederland ondergedoken. Soms samen, soms apart. Zoon Mark wordt ondergebracht bij goede vrienden. In de hongerwinter verblijft de dan hoogzwangere Alice op een onderduikadres in hartje Amsterdam. Daar wordt op 8 februari 1944 Marion geboren. 

Na de bevrijding wordt het gezin herenigd en gaat terug naar hun eigen woning in Laren. Het huis blijkt volledig uitgewoond te zijn door de nazi’s. Bijna alle familieleden De Klijn en Heksch zijn vermoord in de vernietigingskampen. Slechts één nicht en één neef hebben de oorlog overleefd. Nicht Lotty komt dan ook inwonen bij het gezin De Klijn, en is voor Marion als een grote zus. In 1948 wordt nog een zusje geboren: Barbara. Het opbouwen van een harmonieus gezinsleven blijkt niet mogelijk, daarvoor heeft de oorlog teveel schade aangericht.

Marion was vakleerkracht textiel in het basisonderwijs en is nu actief als vrijwilliger bij het Joods Maatschappelijk Werk. Ook verzorgt ze creatieve cursussen in haar eigen atelier in Lemmer.

  • Zondag 28 juli: Frits Pront

Frits Pront is in 1934 geboren in Amsterdam. Een vriendinnetje zegt op een dag tegen hem dat zij niet meer met hem mag spelen van haar vader, omdat hij Joods is. Dit is de eerste keer dat Frits beseft dat hij anders is. Als de bezetter steeds meer anti-Joodse maatregelen afkondigt, mag Frits ook niet meer naar zijn basisschool in Hilversum. Hij moet verplicht naar de speciale Joodse school. Ook mag hij niet meer naar de snoepwinkel waar hij altijd zoethout kocht.

In 1942 duiken Frits, zijn broertje en zusje onder. Frits en zijn broertje treffen het slecht, ze worden elk op hun onderduikadres mishandeld. Zijn zusje wordt verraden en in 1943 vermoord. Ook Frits en zijn broertje worden opgepakt en opgesloten in het politiebureau in Utrecht, waar ze drie dagen zitten.

Frits wordt weer vrijgelaten en duikt na een kort verblijf op het onderduikadres van zijn ouders en opnieuw verraad, samen met zijn vader onder in Nijmegen. Uiteindelijk komt hij in Hoograven terecht en blijft daar tot de bevrijding.

Frits heeft het grootste deel van de lagere school gemist en daarom veel moeite moeten doen om de leerstof weer in te halen. Op latere leeftijd gaat hij alsnog studeren, behaalt zijn doctoraal en werkt tot zijn pensionering als leraar Engels en Remedial Teacher in het voortgezet onderwijs.

  • Zondag 25 augustus: Bert Woudstra

Bert Woudstra is op 19 februari 1932 in Enschede geboren, als zoon van Joodse ouders die eigenaar zijn van een prachtige modezaak. Als wraak voor een sabotagedaad elders in Twente wordt de vader van Bert, Frits Samuel Woudstra op 14 september 1941 bij een razzia opgepakt, samen met 104 andere Twentse joodse mannen. Dat is het laatste contact dat Bert met hem heeft. Vader wordt gedeporteerd naar concentratiekamp Mauthausen en overleeft dat niet. Bert, moeder Flora, broer Egon en Duitse neef Werner duiken onder. Bert verblijft gedurende de rest van de oorlog op maar liefst 13 verschillende onderduikadressen

Na de bevrijding lukt het Bert samen met zijn moeder en broer Egon om hun modehuis weer een plaats in de samenleving te geven. Hij wordt lid van de commissie 'Nooit Meer - Nie Wieder' en op 41-jarige leeftijd besluit Bert zijn ideaal te verwezenlijken, wordt leraar in het beroepsonderwijs en is onder meer één van de vormgevers van het ROC-model.

In de naoorlogse periode heeft hij nog veel pijn van de oorlog. Mede daarom wil hij jongeren en volwassenen een les voor de toekomst geven, wat er met mensen - en met name met kinderen -  gebeurt als ze 'in hokjes worden gestopt' en gediscrimineerd. 

Logo (oog) met tekst Landelijk Steunpunt Gastsprekers

 

 

  • European Heritage Label
  • Unesco

Bezoek Kamp Westerbork

Klik hier voor meer informatie over vervoersmogelijkheden en de bereikbaarheid.
Logo van Herinneringscentrum Kamp Westerbork